Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis

Nieuw leven in de KVNM-uitgeverij

Nieuw leven in de KVNM-uitgeverij

 

De KVNM kent een lange uitgeeftraditie. Hoe lang precies is het huidige bestuur onbekend. Sporen van de uitgeefgeschiedenis zijn zichtbaar in de webshop. De oudste uitgave die daarin te vinden is, is het bijna honderd jaar oude Klaagliederen op den dood van Josquin in de serie ‘Werken van Josquin de Prés’ van A. Smijers uit 1922.

 

Druktechnieken in een stroomversnelling
Sinds de laatste decennia van de twintigste eeuw is er op het gebied van drukken en uitgeven een en ander veranderd. Rond de eeuwwisseling zijn ontwikkelingen in een stroomversnelling gekomen. Naast nieuwe technieken is een groot aantal nieuwe media ontwikkeld. De snelheid waarmee deze vernieuwingen zich hebben voorgedaan doet denken aan de begintijd van de boekdrukkunst. Tussen ca. 1450 en 1550 gingen de ontwikkelingen snel. In de eerste jaren van de boekdrukkunst imiteerden drukwerken in vorm, inhoud en uiterlijk de handgeschreven boeken. Deze eerste drukken worden ook wel incunabelen of wiegedrukken genoemd. Voor de geschiedenis van de muziekdrukkunst zijn vooral de postincunabelen interessant. Deze benaming wordt gebruikt voor boeken die tussen 1501 en ca. 1540 zijn gedrukt en gebruikmaken van verder ontwikkelde technieken.

 

De eerste polyfone muziekdruk, Harmonice Musices Odhecaton, verschijnt in 1501 bij Ottaviano dei Petrucci in Italië. Hij lijkt dan in Venetië voor twintig jaar het alleenrecht op muziekdrukken te hebben verworven. Voor de Nederlandse muziekgeschiedenis is Petrucci van belang omdat hij verschillende werken uitgaf van Nederlandse componisten als Josquin Des Prez, Johannes Ockeghem en Jacob Obrecht. 

 

De focus in de Nederlandse muziekgeschiedenis richt zich verder vooral op 1539, wanneer Symon Cock in Antwerpen als eerste muziek drukt bij middeleeuwse Nederlandstalige (Middelnederlandse) liederen in het Devoot ende profitelijck boecxken. Het gaat om niet-mensurale, eenstemmige melodieën. Een jaar later drukt hij eenstemmige mensuraalnotatie boven de teksten van de Souterliedekens, een Nederlandstalige psalmberijming die vele malen herdrukt zal worden. Overigens zegt het feit dat hij het ene jaar niet-mensurale muziek drukte en het volgende jaar mensurale muziek meer over het inhoudelijk verschil tussen beide werken dan over een ontwikkeling die de drukker zou hebben doorgemaakt. Cock is ook niet de eerste Antwerpenaar die muziek drukt. Sterker nog: voor de druk van het Devoot ende profitelijck boecxken maakt hij gebruik van een font dat eerder door een andere Antwerpse drukker gebruikt werd: Christoffel van Ruremund, die in 1531 overleed. En ook deze Van Ruremund was niet de enige in de Lage Landen die muziek drukte. Dat deden er meer. Symon Cock was enkel de eerste drukker die de techniek gebruikte bij Middelnederlandse teksten.

 

Rond 1540 komt de ontwikkeling van de boekdrukkunst op een punt dat zij zo zeer voldoet dat zij tot aan het derde kwart van de twintigste eeuw nauwelijks gewijzigd wordt. Natuurlijk zijn technieken verfijnd en zeker in de negentiende eeuw vereenvoudigd. Grotere veranderingen komen pas op vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw. Aan het einde van die twintigste eeuw gaan ontwikkelingen ineens razendsnel. Tijdens de digitale revolutie van de vorige eeuw zijn de digitalisering en het internet zodanig ontwikkeld dat het niet alleen mogelijk is om thuis je eigen boekjes te printen – ook uitgevers zijn hun zetwerk anders gaan inrichten. En net zoals dat vijfhonderd jaar geleden het geval was, geldt ook nu dat oude en nieuwe technieken geruime tijd naast elkaar bestaan.

 

Toekomst van de KVNM-uitgeverij
Zo niet bij de KVNM. Wij zijn boeken blijven uitgeven, zoals we dat aan het begin van de twintigste eeuw deden. Er is echter wel een andere situatie ontstaan. In het tweede decennium van de eenentwintigste eeuw is onze boekproductie door verschillende omstandigheden gestagneerd. Juist deze situatie geeft tijd voor bezinning. De vereniging wil haar uitgeefactiviteiten nieuw leven inblazen, zoals aangekondigd in het meerjarenplan 2020-2025. Dat zou niet meevallen als we op de oude voet verder zouden gaan. Nieuw leven vraagt om nieuwe keuzes en een nieuwe opzet: om aanpassingen aan de eenentwintigste eeuw. Na een intensieve brainstormsessie in januari 2021, waarbij ook de afdeling Sales en Eric Jas vanwege van hun expertise aanschoven, heeft het Algemeen Bestuur eind januari enkele beslissingen genomen die erop gericht zijn de voornemens uit het meerjarenplan uit te voeren. 

 

Digitalisering speelt hierin een voorname rol. Gebruikmaking van nieuwe media is eveneens iets wat we willen ontwikkelen. Deze en andere veranderingen lichten we in de Algemene Ledenvergadering van 15 mei 2021 verder toe. Het allerbelangrijkste om de uitgeverijzaken vlot te kunnen trekken is evenwel de taakverdeling. Immers, niet alleen de boekdrukkunst heeft zich in razend tempo ontwikkeld, de hele samenleving is veranderd. Waar het voorheen vanzelfsprekend was dat academici in werktijd werkten aan boeken die de KVNM uitgaf, zijn we nu afhankelijk van de vrije tijd die mensen aan dit werk willen en vooral ook kunnen besteden. Lag de focus van de vereniging de laatste jaren misschien niet bij de uitgeverij, veel projecten zijn ook door tijdgebrek van zowel bestuursleden als auteurs vertraagd geraakt.

 

Om dat te ondervangen komen we met twee oplossingen. In de eerste plaats stellen we een uitgeverijcommissie in. Deze commissie zal gaan over de inhoud van het fonds. In deze commissie worden aangeboden werken op inhoud beoordeeld en worden voorstellen gedaan voor nieuwe uitgaven. De commissie denkt ook na over de vorm waarin een werk het best gepubliceerd kan worden. Met de zitting van twee bestuursleden in deze commissie zijn korte lijntjes met het bestuur van de vereniging gewaarborgd. De andere posten in deze commissie worden de komende tijd ingevuld.

 

In ieder geval zal er in deze commissie iemand zitting nemen die uitvoering zal geven aan de praktische kanten van het uitgeverijgebeuren. Een uitgeverij vraagt om continuïteit en een zekere vaart, ook wanneer je als uitgeverij in een niche opereert, zoals de KVNM doet, en ‘slechts’ enkele werken per jaar hoopt uit te geven. Een uitgeverij vraagt om een uitgever. Onlangs heeft de KVNM Hans Steketee gevraagd de taken van uitgever op zich te nemen. Hans schreef eerder een notitie voor de vereniging over de stand van zaken in de KVNM-uitgeverij en is al enkele maanden intensief betrokken bij de omvorming en de voorbereidingen daarvoor. Op deze pagina stelt Hans zich voor.

 

Nieuwe uitgaven
Naast al deze nieuwe ontwikkelingen staan er ook enkele uitgaven op stapel. Als eerste zullen we tijdens de Algemene Ledenvergadering de eerste digitale Proceedings van de KVNM presenteren die zijn voorbereid door de organisatoren van het postgraduate symposium 2020. De redacteuren leggen op dit moment de laatste hand aan deze uitgave. Daarnaast zal dit najaar zeker ook de Josquin Anthology verschijnen die Willem Elders samenstelde. Terwijl de delen 8 en 9 uit de Sweelinck Opera Omnia naar 2022 doorgeschoven lijken te moeten worden, hopen we wel Traces of Tollius van Simon Groot te laten verschijnen en ook het vijfde en laatste deel in de serie ‘TOUROUT: Ascribed and attributable compositions in 15th-century sources from Central Europe’ van Jaap van Benthem. We hebben onze handen vol: de KVNM en haar uitgeverij zijn volop in beweging.

 

Door: Jeske van Dongen